Ga terug naar verslagen zondag 20 september 2026
PMC 1 houdt verlies tegen Laurierboom beperkt
Het had de KNSB behaagd om PMC 1 in een poule te plaatsen met twee Amsterdamse clubs.
De eerste ronde bracht ons meteen een uitwedstrijd tegen één van hen, Laurierboom/Gambiet. Dat betekende vroeg van huis om op tijd in het centrum te zijn, medespelers af te zetten en een parkeerplaats te zoeken. Twee files onderweg als gevolg van ongelukken, zorgden er voor dat we desondanks te laat kwamen. Volgende keer toch maar een hotel boeken.
Die ochtend had Luuk zich teruggetrokken omdat er in het clublokaal geen geschikt invalidentoilet was. De wedstrijdleider van Laurierboom was zo vriendelijk geweest om ons foto’s toe te sturen van het toilet en die hadden Luuk tot de conclusie gebracht dat meespelen voor hem niet mogelijk was.
We besloten om eerst de opstellingen uit te wisselen met de Amsterdammers en ze daarna voor te stellen om bord 1 van beide zijden leeg te laten. Een niet zo sympathieke onderhandelingstactiek, maar we kenden de club niet en durfden niet op voorhand op hun redelijkheid te vertrouwen. Onze aanpak viel inderdaad niet goed bij de Amsterdammers en de gemoederen liepen even hoog op, maar met de uitkomst, het leeg laten van bord 1 en herschikken van de rest van de opstellingen, kon iedereen leven. Zeker nadat wij bevestigden dat we geen protest zouden indienen bij de KNSB vanwege het ontbreken van een geschikt invalidentoilet. Het zou ook wel sneu zijn geweest als hun eerstebordspeler, die vanuit Duitsland was afgereisd, zonder te spelen had moeten terugkeren.
Nu werd het de taak van Wim om deze speler, Mark Kremer (rating 2206), te bedwingen.
Dat lukte wonderwel. Wim had in de zomermaanden een instructievideo van het nijlpaardsysteem bestudeerd en plukte daar nu de vruchten van. Wim wacht meestal rustig af tot zijn tegenstander oprukt en valt dan de zwakke plekken achter diens aanvalslinies aan. Zo ook nu. Kremer kreeg geen enkele kans en Wim werd met zijn overwinning de held van de middag, althans voor de PMC’ers.
Met John liep het slechter af tegen Ron Nep (2185). Een slagwisseling in de opening leverde John een pion op, maar daar stond tegenover dat zijn resterende stukken coördinatie misten. Vooral zijn loper op b7 stond ongelukkig, opgesloten door zijn eigen pionnen. Nep wist zijn stellingsvoordeel bekwaam uit te buiten en bereikte een lopereindspel dat voor John kansloos was.
Ikzelf was er met mijn hoofd niet helemaal bij door de reisperikelen en het gedoe rond de opstellingen. Na 17 zetten stelde ik aan mijn tegenstander Hajo Jolles (2074) remise voor. Hij reageerde verbaasd – misschien had hij zich verheugd op een uitputtingsslag – maar nam het toch aan.
Ook Toon Janssen speelde een vlotte remise tegen Wilbert de Kruiff (1975). Toon is een kenner van de solide Reti-opening en pareerde hiermee moeiteloos de pogingen van zijn tegenstander om het evenwicht te verbreken.
Ton Thijssen had zich waarschijnlijk een succesvoller debuut als basisspeler in PMC 1 voorgesteld.
Zijn tegenstander Paul Schipper (2030) snoerde hem meedogenloos in. Ton spartelde nog lang tegen en wist zelfs enige dreiging te creëren met vrijpionnen op c3 en b2, maar Schipper had alles goed doorgerekend en voerde de beslissende aanval uit voordat de b-pion kon promoveren.
Zo kwamen we op achterstand, en Jan Fleuren wist deze niet weg te werken, al bleef hij dat tot ver in het eindspel proberen. Zijn tegenstander Juri Piurbeev (2028) maakte geen fouten (al zal de computer daar anders over denken) en remise was voor Jan een ietwat schamel loon voor een middag hard werken.
De laatste partij was die tussen Michel en Marius Lauer (2146). Michel liet zich niet intimideren door de rating van zijn opponent en trok alle registers open in een boeiende aanvalspartij. Tot het eind toe was het spannend: een open stelling gaf beide partijen kansen en iedere uitglijder zou fataal zijn. Die uitglijders kwamen er echter niet en na ruim 4 uur spelen werd de vrede getekend.
Zo werd de eindstand 3-4 voor PMC 1, nauwelijks teleurstellend gezien de krachtsverschillen in het voordeel van de Amsterdammers. Maar het wondertje dat we af en toe nodig zullen hebben om ons te handhaven en de 3e klasse, bleef deze keer nog uit.
Wopke Veenstra